nsw-npfos1y8-7w5-pgvz3xzn0cbpqjr0u0chtzay-v881pyanhn4aqmqxircl-oq01k7l0z9wkb6-ca4pd5th8s-er42qo4qjpnl7xc6m6cfbs8fvnfwsuxhms7ou8pqdzz
 
Logo Graancirkel rond_edited.png

 Graancirkel-route 

Prieel

U bent hier bij het prieel, één van de fraaie pleisterplaatsen van de Graancirkelroute. Rode paaltjes markeren dit bijna 6 km lange ommetje, dat wandelaars langs een aantal historische hoogtepunten van de Oude Heerlijkheid Oploo voert. Een aanrader voor de sportieve cultuurliefhebber.

De Watermolenstraat, die logischerwijze naar de watermolen voert, behoort tot de oudste straten van Oploo. Overigens heette de weg tot 1936 Heikant. Reeds vanaf 1500 tot circa 1800 – toen er op steenworp afstand van de watermolen een windmolen verrees - trokken boeren na de graanoogst met een kar rogge naar de watermolen, om het tot meel te laten malen.

 

De straatnaam Driehoek – een aftakking van de Watermolenstraat - wordt logisch verklaard door zijn driehoekige vorm, die op oude landkaarten al is terug te vinden. Een van die kaarten, een topografische kaart uit 1837, is afgebeeld op de tafel van het prieel. Dit is overigens de eerste kadastrale kaart van Oploo.

Met alle moderne bebouwing voor ogen is het misschien moeilijk voorstelbaar, maar vroeger was dit een kaal land met keuterboerderijtjes. Iets oostwaarts van dit prieel bevond zich rond 1900 nog de Sambeekse heide, terwijl zich in de tegenovergestelde richting de ‘onmetelijke’ Peel uitstrekte. De bolle akkers van het Hoogveld, die tegen de rand van het dorp liggen, zijn hoge percelen bouwland, ontstaan door bemesting en opploegen.

Tot 1900 kwamen hier naast boeren ook geregeld schepers ofwel schaapsherders voorbij, elk met een kudde schapen onderweg naar de woeste heidegronden. Een opmerkelijke passant was Mareéi Holtmeulen, de eenogige dochter van houtzager Holtmeulen. Die woonde op de hei in D’n Twist, daar waar nu de Stevensstraat is. Mareéi de koehard (koeherder), zoals ze in de volksmond werd genoemd, haalde tussen 1890 en 1905 in het weideseizoen de koeien op van Oploose boeren. Dat deed ze twee keer per dag: in de vroege morgen en later op de middag. De bestemming was het Oplose Broek, waar de beesten werden geweid.